Jules Verne laat je proeven, zweven maar zet je ook weer terug op aarde
‘A gustatory dialogue with the Iron Lady’. Het klinkt als het begin van een hoofdstuk uit een boek van Jules Verne en ja, een reis was het. Dit tweesterrenrestaurant op 125 meter hoogte, biedt een uitzicht waar Mona Lisa jaloers op is. Voeg daar een zevengangenmenu vol klassiekers aan toe, en je hebt een ervaring die meer is dan alleen eten. Maar, zelfs de meest glanzende sterren hebben hier en daar een kleine imperfectie. Gelukkig worden die ruimschoots goedgemaakt door gerechten en een uitzicht dat je nooit meer vergeet.
Een culinaire reis boven de stad, waar je beurre blanc tranen huilt van geluk
Het begint allemaal spectaculair. Via een exclusieve lift word je naar de tweede verdieping gebracht. Zodra de deuren open schuiven, sta je oog in oog met Parijs. Het restaurant heeft verschillende kamers met zicht op Parijs: de Seine, Montmartre, de Champs-Élysées… alles ligt aan je voeten. Wij zitten in de chambre Paris. De toon is gezet: dit wordt een mooie middag.
De eerste gang, Homard, komt elegant op tafel. Zachte kreeft, subtiel geparfumeerd met vanille en een frisse bries van Granny Smith. Een lichte start, verfijnd en vol belofte. Vervolgens arriveert La Saint-Jacques: galette soufflé met jasje van blé noir (boekweit) en een sauce Dieppoise. Je proeft de zee, maar door de saus, die tegelijkertijd romig, ziltig en aards is door de enoki champions, maakte het een gewaagde, onverwachte hele plezierige combinatie.
Dan is daar de tarbot. Een gerecht dat me ontroerd liet zitten
Maar het absolute hoogtepunt? La Turbot. Een boterzachte vis, begeleid door een beurre blanc die alles was wat een saus hoort te zijn. Glanzend, romig, subtiel zuur door een vleugje yuzu, en verrijkt met een beetje kaviaar. Dit gerecht was geen ster waard, dit was het universum op een bord. Als eten emoties losmaakt, dan was dit de “Liebe Pur”!
Langoustine à la Verne: applaus
Een gerecht dat wordt gepresenteerd als een icoon van Jules Verne, geserveerd onder een stolp. Zachte en malse ravioli, gevuld met een langoustinestaart. Een dun, glanzend rood laagje van een gelei op basis van rode biet, dat met zijn subtiele zoetheid zachtjes doordringt. Geserveerd met een romige Parmezaanse saus die een fluwelen zachtheid toevoegt. Een ware voltreffer.
Daarna arriveert Le Boeuf. Een mooie runderlende met een diepe jus en een subtiele zoute toets van guanciale. Technisch perfect, maar na de finesse van de tarbot voelde het iets minder gedenkwaardig. Het was een moment van terug naar aarde, waar je jezelf eraan herinnert dat niet elk gerecht je hoeft te overweldigen.
De kaas bracht de verfijning terug, met truffels die je in gedachten mee naar de Provence namen
De kaas, Affiné à la Truffle, deed precies wat je wilt: een romige balans brengen met die aardse diepte van truffels die altijd naar meer smaakt.
En dan het dessertduo. La Poire et Le chocolat. Als het aan mij ligt ga ik na de kaas rechtstreeks naar de Irish Coffee, maar je ben een foodie of je bent het niet: dus The Full Monty… We startten met iets met peer. Ja, objectief gewoon een beauty van een gerechtje. Dan liever de warme chocoladesoufflé, licht en luchtig, met een krokante topping en een smeltende kern en creme glacé. Dit was Parijs op een bord.
Een klein momentje dat de magie even onderbrak, maar dat snel werd hersteld
Als je zo hoog zit – letterlijk én figuurlijk – kunnen kleine dingen soms een tikje opvallen. Bijvoorbeeld de toiletten, die tegen het einde van de lunch meer aanvoelden als de wc’s van Gare du Nord dan van een sterrentent. Gelukkig werd het probleem snel opgelost (helaas na mijn bezoek) en deed het geen afbreuk aan de algehele magie van de middag.
Perfectie bestaat niet, maar Jule Verne komt dichtbij
Deze lunch in de Eiffeltoren was een ervaring die ik niet snel zal vergeten. Het uitzicht was onvergetelijk, de tarbot pure perfectie, en de kaas en het dessert precies hoe je een maaltijd wilt afsluiten. Jules Verne weet hoe je mensen laat zweven – soms letterlijk, soms figuurlijk. Een paar kleine momenten van realisme horen daar gewoon bij, en dat maakt het misschien nog wel mooier.
Wil je meer van dit soort culinaire avonturen lezen? Volg mijn ongezouten reviews én sappige verhalen op 365dagenwijn.nl